Songboek
 

Start
Wie is Mireille?
Fotoalbum
Mijn Galerie
Gedichtenbundel
De Speelkamer
Songboek
Schoolbord

Ja ik schrijf soms mijn eigen liedjes, vandaar ook hier een selectie, de titels doen vermoeden dat je hier te maken hebt met een zeer gelovig iemand en dat het voornamelijk kerkliedjes zijn, maar neem toch even de moeite om de teksten te lezen, want het valt wel mee, soms zijn ze  kritisch ten opzichte van de kerk, soms cynisch en soms gewoon banaal! 

 

Ik heb veel liedjes geschreven voor lezingen waarbij ik gevraagd werd het muzikaal te omlijsten, de meesten hieronder zijn op die manier tot stand gekomen.

Inhoud:

Lieve God

Onze Vader in de hemel
Waarom is het zo’n puinhoop hier op aard
In Uw naam wordt er gevochten
In de derde wereld is een kruimel zoveel waard
Betekent dan de hemel dat geen mens hier wordt gespaard?

Is dit Uw wil die zal geschieden
Is dit de hemel die U belooft
Is dit het koninkrijk voor alle mensen
Waarin je wordt vernederd of een kogel door je hoofd
Waarin je van je toekomstidealen wordt beroofd?

U vergeeft onze schulden
Dus een roofmoord is toegestaan
Steel gerust het brood van je naaste
Want uiteindelijk word je door de Heer van ’t kwaad ontdaan
En kun je met je criminele daden verdergaan  

Wat is leven, wat is geld?
Wat is een wereld
Waarin de liefde nauwelijks telt?
Wat is warmte
In een land zo kaal en kil?
En als een kind van honger sterft
Wordt de mensheid stil
Oh Heer, is dit Uw wil?

Onze Vader in de hemel
Waarom is het zo’n puinhoop hier op aard
Waarom moeten wij lijden
Is ons leven U dan echt zo weinig waard
Betekent de hemel dan dit:
Dat niemand in dit leven wordt gespaard?

Jij (mijn engel)

Met mijn ogen dicht zoek ik soms naar het licht
Als ik aan mijn gebroken liefdes denk
Ik doe mijn ogen open en jij komt binnenlopen
Als een wonderlijk geschenk
Jij geeft me op aarde een stuk eigenwaarde
Als iets dat vanzelfsprekend is
Jij leerde me zingen met gevoel voor de dingen
Iets dat ongelooflijk kostbaar is

Want jij, jij, jij bent er voor mij
Je lijmde mijn hart en je maakte me vrij
Jij, jij bepaalt mijn gezicht 
Jij, jij bent het licht

Als ik verloren ben en mezelf niet herken
Als ik zoek naar een reikende hand
Kun jij me nog horen ook al ben ik verloren
Want jij staat steeds weer aan mijn kant
De kunst van het woord als geen mens me nog hoort
Geen antwoord als schreeuw ik het uit
Een hand voor mijn ogen, geen spijt, mededogen
Maar ineens klinkt daar jouw geluid

Jij, jij bent alles voor mij 
Je klinkt in mijn hart en je maakt me steeds blij
Jij, jij helpt me steeds uit de brand 
Jij bent mijn rechterhand

Jij bent die ballon die ik nog net pakken kon
Je bent zo open, zo heerlijk onbedekt
Je bent te vertrouwen op jou kan bouwen
En jij toont voor alles respect
Je komt overeind als het zonlicht verdwijnt
Jij geeft mijn leven weer kleur
Als de hoop is verdwenen, neem jij niet de benen
Maar jij opent elke deur

Want jij gaat aan mijn huis niet voorbij
Ik hou zo van jou en jij houdt ook van mij
Jij bent mijn engel zo zuiver en goed
Jij bent het die mij leven doet

 

Beer

Hij zit in het donker, de deur is op slot
Hij zoekt naar zijn beer, kijk zijn arm is kapot
Eén enkel spleetje, een klein beetje licht
Mama, waarom zit de deur nu toch dicht
Hij denkt aan zijn ouders, geen liefde gehad
Papa of mama, zeg toch eens wat
Ik weet altijd dat ik iets fout heb gedaan
Want dan beginnen ze altijd te slaan

Refrein:           Blauwe plekken, een bult op zijn wang
                       
Beer, in het donker ben ik zo bang
                       
Blauwe plekken, een deuk in zijn been
                        Beer, waarom zijn grote mensen gemeen  

Vroeger toen was ik heel lief en heel klein
Toen vond ik het huis met haar kamers nog fijn
Verstoppen in de kast op de gang
Nu maakt het donker hier binnen me bang

Refrein

Mama zegt ik hoef niet bang te zijn
Want morgen dan doet het al veel minder pijn
Ze is mijn echte moeder niet
Want ouders doen hun kind toch geen verdriet
Beer je voelt zo zacht in mijn gezicht
Kom lieve beer, huil nu maar niet, doe je ogen dicht  

Refrein

Beer je voelt zo zacht in mijn gezicht
Kom lieve beer….. doe je ogen dicht

Ogen dicht…..

Door je tranen

Er is jou nooit verteld dat het leven
Soms verdrietig zou kunnen zijn
En je hebt nooit geleerd hoe je jezelf het best verweert
Tegen onmacht, tegen de pijn
Het is een heel gevecht tegen je tranen
En je bent niet meer bestand tegen de kou
Alles wat ooit is gezegd, dat heb je nu weerlegd
En er schuilt een lege plek binnen in jou, maar….

Refr.:   Jij bent moedig, jij hebt de kracht
           
En jij kunt leven, ondanks het duister van de nacht
            Van binnen ben je sterk en dat is je eigen werk
           
De pijn wordt te verdragen als je door je tranen lacht

Je hebt nooit geweten dat je dagen
Zo eenzaam konden zijn
En wat ik nu ook zeg, het blijft een lange weg
Vol met onmacht, vol met pijn
Je had nog nooit ontdekt dat de mensen
Niet begrijpen wat jij voelt
En hoe je huilt vol spijt, je bent jezelf kwijt
Er is niemand die snapt wat jij bedoelt, maar….

Refrein

Soms komt het er op aan in de toekomst
Jezelf niet als gebroken te zien
Want het leven gaat door en scherven komen voor
Met praten kom je verder misschien
Het is een hele toer om te strijden
En rechtop te blijven staan
Ook al voel je je zo rot en ben je vaak kapot

Kom op, want je kunt het leven aan

Tussen leven en dood

Ik was zeventien en had nog niet zoveel van het leven gezien
Toch was het genoeg, ik wilde niet meer
Al was het veel te vroeg om te sterven
Gekwetst en gewond
Geschonden door wat hij onder “liefde” verstond
En nog steeds is het moeilijk te leven met die scherven
Mijn dagen bestonden uit misbruik en geweld
Bange uren waarin mijn wil niet heeft geteld
Ik ben gestorven en vernederd door zijn lach
Mijn warme hart werd koud en bevriest nog elke dag

Ik was negentien en had al genoeg van het leven gezien
Het was enkel verdriet, ik zag geen toekomst
En hulp was er niet, want ik bleef zwijgen
Gebroken en moe
Ik wilde er over praten, maar de dood was taboe
En nog steeds is het moeilijk om openheid te krijgen
Dit was mijn leven, toch wilde ik niet echt dood
Ik was alleen zo bang, maar ik hield me sterk en groot
Jij mag nu weten welke hel ik heb doorstaan
En dat ik godzijdank niet ten onder ben gegaan

Drieëntwintig misschien, ik had al teveel van het leven gezien
Ik wilde niet meer, de zoveelste poging
Maar ik haalde het weer voor de morgen
Jarenlang bleef ik overeind, ook al was ik zo bang
En had ik de pijn diep in mezelf opgeborgen
Nu ben ik zevenentwintig en nog steeds doet het pijn
Maar ‘k heb recht om te leven, op de wereld te zijn
Ik heb recht om te voelen, míjn wil en niet van hem
'k Heb een hart….. en ook een stem  

Ik word vijftig en tachtig misschien
En ik weet dat ik dan het leven heb gezien

Zonder geluid

Ze loopt stil gebogen met haar hoofd naar de grond
Ze huilt, maar je ziet steeds haar lachende mond
Ze lacht wel naar jou, maar ze voelt zich niet blij
Ze kijkt naar de wereld, maar ze kan er niet bij
Haar droevige ogen verraden verdriet
Maar niemand die haar verwondingen ziet
Ze draagt zwarte kleren, ze is in de rouw
Stemmen in haar hoofd, van haar dromen beroofd
De angst drijft haar steeds in het nauw

Hoe kun je haar verwijten dat ze niet past in de maatschappij
Hoe kun je haar nu zeggen dat ze leven moet
Terwijl haar hart zo bloedt
Hoe kun je verwachten dat haar leven verder gaat
Terwijl ze van binnen verscheurd wordt door de haat

Ze hebben haar vroeger geen toekomst beloofd
Alles wat ze over zijn spoken in haar hoofd
Ze schreeuwt nog van wanhoop, maar zonder geluid
Ze zit opgesloten en ze kan er niet uit
Ze had een verlangen naar een veilige plek
Maar alle mensen die ze kent vinden haar gek
Want ze bonkt op de muren, loopt naakt over straat
Omdat die warboel in haar hoofd die haar van haar rust berooft
Zelfs na jarenlang gevecht niet overgaat

 

Hoe kun je haar verwijten dat ze niet past in de maatschappij
Hoe kun je nu verwachten dat ze de pijn vergeet
Terwijl ze alles weet
Hoe kun je van haar eisen dat ze ’t verleden achter zich laat
Terwijl de pijn van binnen niet zomaar overgaat

Allemaal voor God

Izaak werkte als priester in een kerk
Deed daar heel veel liefdadigheidswerk
Hij bad en hij preekte en hij zegende zich rot
Allemaal voor God, allemaal voor God

Hij droeg een witte jurk met een kantje eraan
Omdat de hoge pieten dat zo mooi vonden staan
Hij struikelde erover en het werd een slordig vod
Maar het moest voor God, allemaal voor God

Hij had ook een huishoudster die poetste alles op
Met een dweil en een stofdoek en een emmertje met sop
De kandelaars, het altaar, alle ramen, 't was te zot
Alles schoon voor God, allemaal voor God

Eén vierkante meter was er voor de biecht
Voor wie er had bedrogen of voor iemand die graag liegt
Urenlang verbleef Izaak in dat benauwde kot
Allemaal voor God, allemaal voor God

Heb je naaste lief, want ieder is gelijk
Deel je geld met een ander, ook al is ie nog zo rijk
Bouw voor de zwakkeling een thuis, een reddingsvlot
Doe het voor God, allemaal voor God

De kerken zijn niet rijk, dus was er ook een collectant
Aangesteld door middel van een stukje in de krant
Hij haalde soms veel geld op in een koperen pot
Maar ja, het was voor God, allemaal voor God

De hele mis zo wat, zong het meisjeskoor
Want zang in de kerk, ja daar komen mensen voor
Izaak hield zich stil en verveelde zich kapot
Allemaal voor God, allemaal voor God

Deze priester woonde sober, het was een arme vent
Want Izaak werkte hard, maar hij kreeg alleen geen cent
Hij werd oud en eenzaam, dat is het priesters lot
Toch zingen wij voor God, allemaal voor God

In de spiegel van haar ziel

Hoe kwam je erbij om haar wereld te vernielen
Hoe wist je dat zij steeds voor jou zou knielen
Jij hebt haar nooit respect leren geven
En dat het goed is en fijn om te leven
Je gaf haar jouw haat en de wereld werd kil
…….en zij hield zich stil

Refrein:            Je leerde haar angstig te zijn en te vrezen
                       
Jij toonde haar niet dat ze goed is in wezen
                       
Weet jij hoe het voelt: “Er niet mogen zijn”?
                       
Het doet heel erg pijn  

Hoe kwam je erbij om haar ziel te verscheuren
En alles wat mooi was alleen zwart te kleuren
Hoe wist je dat zij deze strijd nooit kon winnen
En elke dag steeds weer opnieuw moet beginnen
De wereld die jij haar voor ogen hield
Is er één waarin een mens telkens knielt

Refrein

Zij ben de geest die jij niet kunt zien
Als je haar aanraakt dan voel je ’t misschien
Zij is die stem die jij nooit wou horen
Maar die er al was voordat zij werd geboren
Jij deed haar zwijgen en het doet soms nog zeer
Maar nu zegt die stem: Nooit meer!

Refrein:           Je leerde haar angstig te zijn en te vrezen
                       
Maar zij weet nu dat ze goed is in wezen
                       
Zij weet hoe het voelt: “Er wel mogen zijn….”

In de spiegel van haar ziel vlucht een meisje voor het sterven
Als zij er oog in oog mee staat, ziet ze enkel scherven…..

Stil   

’t Wordt zo stil als een moeder haar kind ziet lijden
Zo stil als een vader zijn zoon niet kent
Stil als het voorjaar zonder vogels
Een stilte waar je niet aan went, stil, zo stil….

’t Wordt zo stil als je vrienden zijn verdwenen

Stil als je oud bent en alleen
Stil als geen mens meer naar je luistert
Stil is die leegte om je heen, stil, zo stil….

’t Wordt zo stil na ’t lawaai van de geweren
Schietend in een oorlogsstrijd
Stil als je loopt op mensenresten
Zoekend, want je bent je ouders kwijt, stil, zo stil….
’t Wordt zo stil als je lach verdwijnt in tranen
Stil als je ziek bent van verdriet
Stil als de wind die niet wil waaien
Stil als heen mens het onrecht ziet, stil, zo stil….

’t Wordt zo stil om je heen bij moeilijkheden
Stil als je schreeuwt van angst en pijn
Alleen die ene vriend die luistert
Wil in die stilte bij je zijn, stil, zo stil
’t Wordt zo stil als je juist die stem wilt horen
Die warme stem met een troostend woord
Een stem die de stilte zal verbreken
Je roept erom, maar niemand die je hoort...

Letland

Ik liep op de wegen in Letland
Ik zag daar de mensen de natuur
Een land vol cultuur en warmte voor een ander
De liefde is daar eerlijk en puur
Maar hun leven daar bestaat uit armo
Hard werken voor een minimum bestaan
En een huis dat is vergaan, scheuren in de muren
En ook niet altijd water uit de kraan

Refrein:     Ze hebben daar een leven waar geen mens een beeld van maken kan
                  Ze willen het wel anders, maar de toekomst zien ze zwart
 
                Ze wonen in huizen, koud en kil
  
               En na een schreeuw om hulp, blijft het vaak zo stil
   
              Als je weet wat ik daar heb gezien
 
                Dan sluit je deze mensen in je hart.

Onder hun lach ligt verborgen
De pijn van een maatschappij met verdriet
En als je al dat onrecht ziet, moet je wel van ze houden
Want zonder liefde redden ze het niet
Zij respecteren nog een ander
En ik vraag me af: wie van ons is rijk:
Ik die onder geld bezwijk of zij met al hun warmte
't Is waar, de wereld is zo ongelijk

Refrein

De mensen willen ergens in geloven
En bidden elke dag tot de Heer
En hij kijkt ook op ze neer, maar wij zijn minstens zo hard nodig

Want tegen armoe hebben zij nog geen verweer

Parels in het zand  

Ze loopt langs de zee, door de duinen
Ze kijkt naar de vogels op het strand

En de schelpen in haar hand hebben mooie kleuren
Ze vindt een oester aan de waterkant
Ze deelt haar geheimen met de golven
Haar tranen spoelen aan op het strand
Haar voeten in het zand, de wind speelt met haar haren
Zij is die oester in haar hand

Refrein:            Want ze heeft een buitenkant zo hard
                       
Dat niemand haar bereiken kan
                       
Soms gaat ze even open, maar is de inhoud zwart
                       
Soms is ze leeg van binnen, koud en kil
                       
En na een schreeuw van pijn blijft het vaak zo stil
                       
Maar als je even verder kijkt zie je een parel in haar hart

Onder het water ligt verborgen
De schat van haar “mens-zijn” op het land
En de korrels van het zand vormen zo zuiver
Een ketting van de zee naar het strand
Zij heeft zichzelf diep begraven
Ze verbergt haar verleden onder ’t zand
En de zon heeft haar verbrand, maar haar hart is nog bevroren
Niemand kent haar kern, haar binnenkant

Refrein

Want zij is de zee, zij vormt de golven
Zij verjaagt de vogels aan de waterkant
Net als de schelpen in haar hand heeft zij mooie kleuren
Maar zij is ook die oester op het strand…

Geboden  

In de bijbel staat geschreven: “Eert uw ouders, uw gezin”
In de bijbel kun je lezen: “Door geloof krijgt je leven zin”
Dus beleid al je zonden, schep een hemel op aard
Maar wat zijn die geboden op een plaats vol angst nu waard?

In de bijbel staat geschreven: “Van geven word je rijk”
In de bijbel kun je lezen: “Alle mensen zijn gelijk”
Maar jij hebt niets, je bent bestolen en ze braken steeds je hart
Dus wat moet je met geboden, als de haat je leven tart
Want je vader misbruikt zijn dochter en je moeder slaat haar kind
En voor zonden in de wereld zijn zij nog altijd blind

En elke keer doen die teksten zeer
Die teksten zeer, steeds weer, steeds meer

In de bijbel staat geschreven: “Heb je naaste lief als jezelf”
In de bijbel kun je lezen: “Door liefde gaat alles vanzelf”
Spreken is zilver, maar voor zwijgen krijg je goud
Ach wat helpen die geboden als je niet van jezelf houdt
Want je bent zo vaak vernederd door de zonden die je zag
Je warme hart is overleden en je sterft nog elke dag

En elk gebod maakt nog meer kapot
Nog meer kapot, kapot

Het leven gaat door  

De trein raast, de auto’s die rijden maar door
Ik vraag me zo vaak af: waarom zo snel en waarvoor?
Een boot zinkt, een schip vaart, een mens loopt niet maar rent
We zijn aan dat haasten zo langzaam gewend

       

We kijken niet meer naar de mens achter het raam
We vragen niet meer naar de buurvrouw haar naam
Het leven is dissociëren, afstand nemen van….
Totdat er geen mens straks meer voelen kan

Voorbij alle deuren, geen mens vraagt zich af:
Wie is er gestorven, wie ligt in dat graf?
We missen niet eens die oude man van de straat
Die misschien vandaag nog wel het leven laat

Vrienden zijn schaars, je bent ze zo kwijt
En pas achteraf ga je denken, dan krijg je pas spijt
Mijn hart klopt nog steeds en het leven gaat door,
Maar ik vraag wel eens af: waarom en waarvoor?

 

Droomwereld

Ik heb mijn leven bij elkaar gedroomd
Ik heb mezelf wat op de mouw gespeld
Ik had de hoofdrol in een wereld
Waarin geen plaats was voor geweld
En ik danste op een weg
Die achteraf bezaaid lag met zware stenen
En ik begreep niet dat de wereld
Mij geen troost kon bieden
Geen haven was
En dat je steeds voor je eigen rechten op moet komen
Dat begrijp ik nu pas

 

Mireille

 


Met een vrolijk gezicht naar nog een gedicht!Terug naar Gedichtenbundel                               ...maar nog niet helemaal

Naar de Speelkamer

 

Naar de introductiepagina

 

Naar huis